Uitgangspunten en doelstellingen

 

In ons werk met kinderen gaan we uit van de volgende belangrijke punten:

Kernachtig gezegd willen we het volgende bereiken op onze school:

Wij willen dat al onze leerlingen met plezier naar school komen en zoveel mogelijk leren. Daarom werken we aan een fijne sfeer in de klassen en doen we er alles aan om uit uw kind te halen wat erin zit. Het zelfstandig werken en leren met behulp van taakkaarten is hierbij een essentieel onderdeel.
U als ouder speelt daar een belangrijke en stimulerende rol bij.

De sfeer op school

We vinden het noodzakelijk dat uw kind opgroeit in een veilige en vertrouwde omgeving. We besteden veel aandacht aan hoe met elkaar om te gaan, te werken en te spelen. Hiertoe hebben we regels en afspraken opgesteld voor binnen en buiten het schoolgebouw. De goede sfeer binnen de groep is belangrijk voor het gevoel van veiligheid en een voorwaarde voor een evenwichtige ontplooiing. Dit betekent dat we alert zijn op discriminatie en pesten. In alle groepen is bekend dat pesten niet mag en niet getolereerd wordt. Bij pesten nemen we als school contact op met de ouders, om samen tot een oplossing te komen. Op school hanteren we een pestprotocol.

Op school wordt er natuurlijk wel eens gestraft bij ongewenst gedrag, maar we steken veel meer energie in het belonen van goed gedrag. Om een veilige en vertrouwde sfeer in school te creëren, leren we de kinderen dat ze verantwoordelijk zijn voor hun eigen gedrag en mede verantwoordelijk voor de sfeer in de groep. Om deze te bevorderen organiseren we allerlei speciale activiteiten (zie activiteiten)

De totale ontwikkeling

We werken vanuit de overtuiging dat we de kinderen moeten begeleiden in hun totale ontwikkeling. Leren houdt voor ons meer in dan het opdoen van kennis en vaardigheden alleen. In het werken in de klas proberen we een zo goed mogelijk evenwicht te realiseren tussen de cognitieve (kennis vakken), de sociaal-emotionele, creatieve en lichamelijke ontwikkeling van de kinderen. Binnen de cognitieve ontwikkeling ligt de nadruk vooral op de basisvaardigheden: lezen, taal en rekenen. Zij vormen als het ware de basis voor elke andere ontwikkeling. Vandaar dat we veel tijd aan deze vakken besteden.

Individuele aandacht

We sluiten zoveel mogelijk aan bij de individuele mogelijkheden van ieder kind. Steeds wordt er van uitgegaan, dat elk kind aan het eind van de basisschool kennis en vaardigheden moet hebben opgedaan, die nodig zijn voor het vervolgonderwijs op een school voor voortgezet onderwijs, dat past bij het kind.
Kinderen ontwikkelen zich van nature. Ze zijn nieuwsgierig en willen steeds iets nieuws leren. Op school stimuleren we de kinderen en dagen ze uit om steeds nieuwe zaken te verkennen of te ontdekken. Als de ontwikkeling wat minder vanzelfsprekend verloopt, bieden we hulp.

Op onze school zijn de kleutergroepen heterogeen samengesteld. Dit betekent dat in een kleutergroep 4, 5 en 6 jarige kleuters zitten. De overige groepen zijn klassikaal georganiseerd. Dit betekent dat kinderen van gelijke leeftijd meestal in dezelfde groep zitten. In ons onderwijs houden we rekening met verschillen tussen leerlingen. Alle kinderen krijgen basisstof aangeboden voor de cognitieve vakken (taal, lezen en rekenen). Om deze basisstof te verwerken heeft niet ieder kind evenveel uitleg en tijd nodig.
De instructie wordt aangepast aan de behoefte van de leerling:

Naast deze basisstof werken leerlingen ook individueel aan bepaalde leerstofonderdelen. Kinderen die moeite hebben met een bepaald leerstofonderdeel, kunnen met aangepaste of andere leerstof en / of materialen werken. Kinderen die meer uitdaging nodig hebben krijgen extra verdiepingsstof. Deze leerstof kan op de taakkaart vermeld worden.

Zelfstandig werken

Zelfstandig werken/leren neemt een steeds belangrijkere plaats in op onze school. Tijdens de lessen streven we ernaar de kinderen zoveel mogelijk zaken zelfstandig te laten uitvoeren. Verder werken de kinderen minimaal twee keer per week zelfstandig aan een aantal taken, opdrachten/ activiteiten. Ze bepalen dan zelf de activiteiten en/of de volgorde waarin deze taken afgewerkt worden. Ze leren hun tijd zo goed mogelijk in te delen en te benutten. Tijdens zelfstandig werken leren de kinderen samenwerken, verantwoordelijkheid te nemen, te plannen en oplossingen te zoeken. Dit zal het zelfvertrouwen van kinderen verhogen.

Tijdens het zelfstandig werken kan de leerkracht individuele hulp bieden aan kinderen.

HET ZELFSTANDIG WERKEN IN GROEP 1 EN 2

Tweemaal per week gaan de jongste kinderen, wanneer ze op school komen, direct aan het werk. Ze pakken hun eigen plaatje en hangen dat op het bord in de klas. Op dat bord hangen de afbeeldingen van de verschillende onderdelen waaruit ze kunnen kiezen, bijvoorbeeld bouwhoek, spellenkast, huishoek, leeshoek, tekenen, zand/water tafel, werkblad enz.
Hun eigen plaatje hangen ze onder het onderwerp, zodat ze zelf ook zien welke kinderen en hoeveel kinderen een bepaald onderdeel hebben gekozen. Ook zijn er voor de oudsten verplichte werkjes die ze in de tijd voor zelfstandig werk moeten doen. Deze staan vermeld op een taakkaart. Ze hebben daar ruimschoots gelegenheid voor. Zo leren ze hun tijd al wat in te delen en leren ze verantwoordelijkheid te nemen voor hun werk. De kinderen proberen eerst zelf de opdracht uit te voeren. Daarna kunnen ze ook uitleg vragen aan klasgenoten of aan de leerkracht.

De leerkracht stimuleert en activeert, zet kinderen aan het werk, die nog niet zelfstandig kunnen kiezen en geeft de kinderen de aandacht die ze nodig hebben. De kinderen kruisen zelf aan op hun taakkaart  wat ze hebben gedaan.
Tijdens het zelfstandig werken werkt de leerkracht met een pop/beer. Deze pop/beer neemt een taak van de leerkracht over als zij met kinderen aan het werk is. Bij de popbeer kan iets neergelegd of verteld worden door de kinderen.
Die lijn van het zelfstandig werken wordt in alle groepen doorgetrokken met steeds meer uitbreiding van onderwerpen. De leerkracht kan zo afwisselend hulp verlenen aan kinderen met bepaalde leerpro­blemen of toetsen afnemen. Bijvoorbeeld op het gebied van leesvoorwaarden, vaardigheden die te maken hebben met het geheugen, het creatief taalgebruik, de concentratie, de sociale vaardigheid of technisch lezen. In hogere groepen kan hulp geboden worden bij spelling-, lees- of reken problemen.

We breiden deze momenten steeds meer uit. Natuurlijk blijven er daarnaast veel onderdelen die we samen met de hele klas doen.

De kwaliteit van ons onderwijs

Alle scholen verschillen in meer of mindere mate van elkaar. Ze verschillen in sfeer, werkwijzen en resultaten. Kortom in kwaliteit. De kwaliteit van een school hangt voor een groot deel af van de mensen die er werken en hoe ze dat doen. We verwachten van de leerkrachten dat ze zich volledig inzetten en  werken aan een prettige sfeer. Alleen daarmee is de kwaliteitszorg echter niet bepaald.

We proberen onze kwaliteit op de volgende  manieren te verbeteren:

Moderne lesmethoden
In onze school wordt lesgegeven met behulp van moderne lesmethoden, die aan de kerndoelen voldoen. Ieder jaar stellen we een vakgebied centraal om vernieuwingen in te voeren door o.a. de methode te vervangen. Zo hebben we het afgelopen jaar de methoden voor taal en spelling vernieuwd. De komende jaren zullen we het (aanvankelijk) lezen evalueren en de nodige vernieuwingen t.a.v. het lezen doorvoeren.

Nascholing leerkrachten
Goede, moderne methoden zijn belangrijk. Ze staan en vallen echter met de leerkracht die ze gebruikt. Zij moeten er voor zorgen dat de materialen en methoden zinvol en op de meest adequate manier worden gehanteerd. Daarom besteden we veel aandacht en energie aan overleg en samenwerking; stimuleren we nascholing voor de leerkrachten en volgen we studiedagen en bijscholingscursussen voor het hele team. Op deze manier proberen we de ontwikkelingen in het onderwijs op de voet te volgen en onze deskundigheid te vergroten.

Effectieve leertijd
Om een optimale ontwikkeling van de kinderen mogelijk te maken, willen we de lestijd die we hiervoor hebben effectief gebruiken. De leerkrachten zorgen voor een goed werkklimaat, waarin de kinderen alle tijd kunnen benutten om de leerstof te verwerken. Tevens zorgen we er voor dat er zo weinig mogelijk lesuitval plaatsvindt. We houden ons als school aan de leerplichtwet en bij afwezigheid van leerkrachten zoeken we naar een goede vervanging c.q. opvang, zodat kinderen niet naar huis gestuurd hoeven te worden.

De resultaten van ons onderwijs

Om de resultaten van de leerlingen en ons onderwijs te bepalen maken we gebruik van toetsen en evaluaties. Al enige jaren werken we met een leerlingvolgsysteem van het CITO (zie ook zorg). Met deze toetsen kunnen we objectief de voortgang van uw kind bepalen.
Bovendien geeft het ons een totaalbeeld van de prestaties van onze school in vergelijking met andere scholen. Op grond van die gegevens zijn we niet alleen in staat kinderen adequaat te helpen, maar kunnen we ook gefundeerd werken aan de zwakkere punten van ons onderwijs.
In groep 7 wordt de Cito-entreetoets afgenomen (zie zorg)
In groep 8 de NIO toets en een leervorderingentoets in verband met de schoolkeuze voor voortgezet onderwijs. (zie zorg)

Naast het gebruik van een leerlingvolgsysteem, worden het onderwijs en de resultaten regelmatig geëvalueerd door het team, de inspectie, de ouders.
De evaluatie door ouders gebeurt door o.a. eens per drie à vier jaar een enquête te houden. Een evaluatie door de inspectie vindt minimaal eens per twee jaar plaats. Met het bestuur wordt jaarlijks de voortgang besproken.
De resultaten van de evaluatie van ouders, bestuur en inspectie worden met de medezeggenschapsraad besproken en bekend gemaakt in bijv. de nieuwsbrief.

Het percentage kinderen dat naar de diverse scholen voor voortgezet onderwijs gaat en de resultaten van de eindtoets, wisselen van jaar tot jaar, omdat dit o.a. afhankelijk is van de samenstelling van groep 8.
De afgelopen jaren scoorde onze school iets boven gemiddeld in vergelijking met soortgelijke scholen. Landelijk gezien scoren we nog iets hoger.

Uit onderzoek komt echter naar voren dat het succes in het voortgezet onderwijs vooral bepaald wordt door:

Dat laatste betekent dat wij uit uw kind proberen te halen wat erin zit.

Toekomstplannen

Een school waar geen verandering meer plaatsvindt, staat stil en doezelt langzamerhand in. Onze school is steeds bezig de organisatie en het onderwijs te verbeteren. Plannen hiervoor zijn neergelegd in een meerjarenplanning.
Zaken die we de eerstkomende jaren willen aanpakken zijn:

In het informatieboekje (dat u jaarlijks ontvangt) kunt u lezen welkonderdeel in het betreffende schooljaar uitgewerkt wordt.